Er ligt bij mij altijd wel iets op de stapel dat ik “nog een keer” zou behandelen. Een wit overhemd met een gele okselrand, een theedoek met olie erop, een blouse waar een half jaar geleden rode wijn op belandde. Die stukken zijn gewassen, gedroogd, opgevouwen en weer tevoorschijn gekomen, en de vlek zit er nog. De vraag is dan niet welk middel je pakt maar of het überhaupt nog zin heeft.
De Amerikaanse huishoudsite The Spruce zette er een stuk over online waarin het antwoord duidelijker is dan je zou denken. Een ingedroogde vlek is niet per definitie permanent, ook niet als hij de droger heeft gezien. Alleen vraagt hij om iets anders dan een verse vlek, namelijk om tijd in plaats van snelheid.
Waarom een oude vlek anders werkt dan een verse
Bij een verse vlek ligt het vuil nog los op de vezel en spoel je het er grotendeels uit. Blijft het liggen, dan hecht het zich aan de vezel zelf en bij een wasbeurt op 40 graden of een rondje in de droger zet de warmte dat vast. Dat is de reden dat een vlek die één keer door de droger is gegaan zo veel hardnekkiger aanvoelt. Hij zit er niet dieper in, hij zit er vaster aan.
Daar volgt een simpele regel uit. Bij een verse vlek is deppen en spoelen genoeg, bij een oude vlek moet er iets op de stof staan dat uren de tijd krijgt. Een half uur voorbehandelen is bij vers werk prima, bij een oude vlek is vierentwintig uur weken realistischer. Wat ik zelf te lang verkeerd deed was harder boenen in plaats van langer laten staan. Boenen sloopt de vezel en laat een doffe plek achter, ook als de vlek uiteindelijk weg is.
De tweede regel is dat je de stof pas weer mag drogen als je zeker weet dat de vlek eruit is. Nat is bedrieglijk, want vrijwel elke vlek is nat onzichtbaar. Leg het kledingstuk over een rekje, laat het aan de lucht drogen en kijk dan pas. Anders zit je aan een derde ronde vast.
Per vlek is de aanpak echt anders
Oude koffie en thee zijn kleurstofvlekken met looizuur, en daar helpt vloeibaar wasmiddel of zuurstofbleek op. Heb je er melk in gedaan, dan zit er ook vet in en moet er eerst afwasmiddel overheen. Bij oud bloed en andere eiwitvlekken zoals ei of melk is een middel met enzymen het enige dat nog iets doet, en dat mag van The Spruce gerust een dag op de stof blijven staan voordat je spoelt.
Oude olie- en vetvlekken zijn de merkwaardigste van het rijtje, want die moet je eerst weer zacht maken. Vandaar het advies om er kruipolie op te spuiten, een half uur te laten intrekken en er daarna afwasmiddel in te werken met een zachte borstel. Dat voelt verkeerd, vet op vet, maar het werkt omdat het oude vet weer vloeibaar wordt en het afwasmiddel er dan grip op krijgt. Bij inkt hangt het ervan af wat voor pen het was. Permanente inkt laat los met spiritus of ontsmettingsalcohol, een kwartier laten staan en dan koud spoelen, terwijl inkt op waterbasis gewoon met vloeibaar wasmiddel meekomt.
Oude rode wijn en chocola vragen allebei om inweken. Wijn met vloeibaar wasmiddel of afwasmiddel erin gewreven en dan een etmaal laten staan, chocola in een sopje van zuurstofbleek en water, ook een etmaal. Chocola is lastig omdat er twee dingen in zitten die tegengesteld werken, een donkere kleurstof en een vetlaag, en dat betekent vaak twee rondes achter elkaar.
Wat ik voor dat soort werk in de kast heb
Voor wie de kast een keer op orde wil hebben zijn dit de vier die bij mij het meeste werk doen. Het zijn geen wondermiddelen en een huismerk uit de supermarkt doet vaak hetzelfde, maar deze vier dekken samen de vier soorten oude vlekken die je thuis tegenkomt, namelijk kleurstof, eiwit, vet en alles wat vraagt om een nacht weken.
Vier middelen voor een vlek die al een keer gewassen is

onze keuze
Dr. Beckmann Ossengalzeep
Werkt op verreweg de meeste oude vlekken en je kunt hem droog op de vezel wrijven, waardoor hij precies blijft liggen waar de vlek zit. Bekijk bij Dr. Beckmann
Het zijn allebei grote fabrikanten, dus je vindt ze bij de Kruidvat, de Etos en de meeste supermarkten. Waar ik wel op let is de houdbaarheid van zuurstofbleek. Een doos die al twee jaar open in een vochtige bijkeuken staat is de helft van zijn werking kwijt, en dan denk je ten onrechte dat de vlek niet weggaat.
De huismiddelen die het wel redden
Je hoeft er niets voor te kopen als je geduld hebt. Een pasta van baksoda met een scheut water, een half uur laten uitharden en er daarna met de bolle kant van een lepel afschrapen, haalt een verbazend deel van een oude vlek mee. Azijn met citroensap in gelijke delen doet hetzelfde op kleurstofvlekken en werkt goed op wit. Waterstofperoxide van 3 procent, te koop bij de apotheek, is de zwaarste van de drie en die dep je van buiten naar binnen zodat de vlek niet uitloopt.
Alle drie vragen ze om een test op een naad of een zoom, want op gekleurd textiel kunnen ze binnen een minuut iets doen wat je niet terugdraait. Welke vlek om welk middel vraagt heb ik eerder op een rij gezet in de wijzer voor verse vlekken, en die volgorde blijft ook hier gelden. Wat verandert is de tijd die je ervoor uittrekt.
Wanneer je ermee moet stoppen
Er is een grens. Heb je drie rondes gedaan en beweegt de vlek niet meer, dan is verder gaan schadelijker voor de stof dan de vlek zelf. Bij een vlek op de kraag of aan de binnenkant van een mouw kun je hem ook gewoon laten zitten. En het scheelt sowieso als er minder in de droger gaat. De stukken waar het meestal misgaat zijn precies de stukken die je beter koud kunt wassen en aan de lijn kunt hangen, dan krijgt de warmte geen kans om iets vast te zetten.
Mijn eigen conclusie na een stapel proefkonijnen is dat geduld meer oplevert dan welk middel dan ook. Een blouse die een nacht in een emmer met zuurstofbleek staat wint het van dezelfde blouse die vijf minuten hard geboend wordt met het duurste flesje uit het schap.










