Als er een vrucht is die nu op zijn best is, dan is het de peer. De oogst is binnen, de kisten bij de groenteboer staan vol en ze kosten weinig moeite. Toch eten we ze vaak gewoon uit de hand, of ze liggen een week te lang in de fruitschaal. Zonde, want een peer in een cake is minstens zo lekker als een appel, en een omgekeerde perencake ziet er ook nog eens uit alsof je er de hele middag mee bezig bent geweest.
Het recept dat Foodies deze week deelde, een omgekeerde perencake met karamel van ahornsiroop, is oorspronkelijk van BBC Good Food. Ik vind het een mooi voorbeeld van een herfstcake die indruk maakt zonder ingewikkeld te zijn. Hieronder hoe hij werkt, wat je nodig hebt en waar het mis kan gaan.
Waarom omgekeerd?
Bij een omgekeerde cake leg je het fruit onderin de vorm, op een laagje karamel, en schep je het beslag erover. Na het bakken keer je de cake om. Het fruit zit dan bovenop, glanzend van de karamel, en de randen van de peer zijn een beetje gekonfijt. De bekendste variant is de ananascake uit de jaren zeventig, maar met peer smaakt hij voller en minder zoet.
Het voordeel is dat je geen glazuur of slagroom nodig hebt om hem op tafel mooi te laten zijn. De karamel doet het werk.
Welke peren je neemt
Neem stevige handperen die net rijp zijn. Een Conference of een Doyenné du Comice werkt goed. Ze moeten nog wat weerstand geven als je er met je duim op drukt. Een peer die al zacht en sappig is, valt in de oven uit elkaar en maakt de bodem van je cake nat. Stoofperen zijn juist te hard en te droog voor dit recept.
Je hebt er drie nodig. Schil ze, haal het klokhuis eruit en snijd ze in vieren. Leg ze in een kring in de vorm, met de bolle kant naar beneden, zodat je na het omkeren een mooi patroon hebt.
Wat je nodig hebt
Voor een springvorm van 20 centimeter, goed voor ongeveer tien stukken.
Voor de karamel
- 75 gram fijne kristalsuiker
- 75 gram boter
- 3 eetlepels ahornsiroop
- een snuf zeezout
Voor de cake
- 3 stevige handperen
- 220 gram zachte boter
- 120 gram fijne kristalsuiker
- 100 gram lichtbruine basterdsuiker
- 3 eieren
- 100 gram zure room
- 220 gram bloem
- anderhalve theelepel bakpoeder
- een halve theelepel baking soda
- 2 theelepels kaneel
Aan materiaal
- een springvorm van 20 centimeter
- bakpapier
- een kleine koekenpan voor de karamel
- een mixer (een handmixer is genoeg)
- een satéprikker om te testen of de cake gaar is
Alles haal je gewoon bij de supermarkt. Ahornsiroop staat meestal bij het broodbeleg of de ontbijtgranen, zure room in het koelvak bij de room. Een springvorm vind je bij HEMA of in de bakhoek van de grotere supermarkten, als je er nog geen hebt.
Zo maak je hem
Verwarm de oven voor op 180 graden (of 160 graden met hetelucht). Bekleed de bodem van de springvorm met bakpapier en laat het papier aan de zijkant een centimeter omhoog komen. Dat is geen detail, want anders loopt de karamel onder de rand door en krijg je een kleverige oven.
Strooi de suiker voor de karamel in een laagje in de koekenpan en laat hem op laag vuur smelten. Niet roeren, wel af en toe de pan zwenken. Is hij goudbruin, klop er dan snel de boter, de ahornsiroop en het zout door. Giet de karamel in de vorm en leg de partjes peer erop.
Klop de boter met beide suikers zes tot acht minuten tot het licht en luchtig is. Neem die tijd echt, want hier zit de luchtigheid van je cake in. Klop de eieren er een voor een door, dan de zure room. Voeg tot slot de bloem, het bakpoeder, de baking soda en de kaneel toe en mix maar heel kort, tot het net glad is. Schep het beslag over de peren en strijk het glad.
Bak de cake ongeveer een uur. Komt de prikker er nog met vochtige kruimels uit, geef hem dan vijf tot tien minuten extra. Laat hem helemaal afkoelen in de vorm voordat je hem omkeert op een schaal. Trek het bakpapier er voorzichtig af. Met voorbereiden en bakken ben je zo’n anderhalf uur bezig, waarvan het grootste deel de oven het werk doet.
Mijn tips
Laat de karamel niet te donker worden. Hij bakt in de oven nog door, en wat in de pan mooi amberkleurig is, kan na een uur in de oven bitter smaken. Liever iets te licht dan te donker.
Durf hem echt te laten afkoelen. Een warme cake omkeren is verleidelijk, maar dan breekt hij makkelijk en glijden de peren weg. Lauw is het minimum.
Zelf serveer ik hem met een lepel zure room of crème fraîche ernaast. Dat frisse zuurtje maakt de zoete karamel lichter. En hij is de dag erna, uit een trommel, misschien nog wel lekkerder, omdat de karamel dan in de cake is getrokken.






